| 1973 | Hans en Grietje | 23e |
|---|---|---|
![]() |
||
Als eerste idee werd gekozen voor het wet bekende sprookje Hans en Grietje. Natuurlijk was het begin moeilijk, zeker gelet op het feit dat alles aangeschaft diende te worden, van de onderbouw tot de dahlia knollen. Materiaal werd gesponsord door diverse mensen, onder anderen door de fa. Tempo, via Jos Lansink (steigerplanken met cement) en door slopersbedrijf Koerntjes, zij het dat er bij Koerntjes wel BTW (Bijladen Toekijken Wegwezen) betaald moest worden. De hoepels voor het eerste draaistel werden gedraaid bij de werkgever van Vincent Rensing, de fa. Schutten uit Lievelde. Gebouwd werd deze eerste wagen bij Huize ter Haar (Panneman). Een stevig huisje werd op de onderbouw gezet, de meeste huizen worden tegenwoordig slechter gebouwd. Tijdens de bouw kregen wij zelf bezoek van het kermiscomite, die ons aanraadde om een andere titel voor de wagen te nemen, het bleek dat de groep te Vruchte (neus) een wagen had met dezelfde titel. Natuurlijk werd dit niet gedaan en dat jaar liepen er twee wagens met dezelfde titel. Het eerste bloemenland was bij de Dalton, nabij de Lievelderweg. Een klein slecht stukje grond vol met betonijzer, waar de landbouwploeg van Rensing regelmatig op vastzat. Geplakt werd deze eerste wagen bij carrosserie bedrijf Cuppers in Zieuwent. Met een gezellige groep door het hele bedrijf verdeeld werd de wagen in de bloemen gezet. Het was nog wel even spannend toen de wagen de hal in gereden werd. Het bleek dat de nok van het huisje schaafde aan de onderkant van het deurkozijn. Deze vrees bleek ongegrond, bij het verlaten van de hal bleef er nog een kleine tien centimeter over, zover was de wagen "gekrompen". Honger hoefden we ook niet te lijden tijdens het plakken, moeder ter Haar had enkele boterhammen voor ons gesmeerd. Nou ja enkele, een klein weeshuis kon er gegarandeerd enkele dagen mee vooruit. |
||
Terug |
||